De opdracht:
A. Beantwoord in je groepje de vragen op bladzijde 22 van Jonassen
B. Welke van de vragen van Jonassen heeft je het meest opgeleverd?
C. Welke vragen van Jonassen heeft je het minst opgeleverd?
D. Welke vragen van Jonassen vind je voor leerlingen het belangrijkst?
E. Hoe zou je willen bevorderen dat leerlingen deze vragen automatisch gaan stellen als ze het internet als bron voor informatie gebruiken?
De vragen uit Jonassen:
Who provided this information? Why?
1: De informatie is gegeven door de vereniging no blame Nederland dit doen ze om het product kenbaar te maken en te verkopen.
Does the site autor have autority in that field?
2: ja ze hebben ervaring in het veldgebied
If the site is published by an organization (such as an educational institution or a governmet agency) that has autority in the stated subject area?
3: ja de site word gepubliceerd door de organisatie overzee-borstlap en die kennen wij niet.
Does the organization have a vested interest or bias concerning the information presented?
4: de organisatie wil het verkopen.
Is the site owner affiliated with an organization (such as an educational institution or a governmentagency) that has authority in the stated subject area?
5: ze zijn niet verbonden aan een regionale organisatie
Is it clear when the site was developed and last updated?
6: er word matig aangegeven of de site is geüpdate alleen in jaartallen. De copyright is gedateerd aan 2007
Is a bibliography or resource list included?
7: nee er is geen goede bronnenlijst
Are the references used in the bibliography credible?
8: zodoende niet aanwezig kan ik hier niet op refereren
How can we validate the information provided? Can we check the sources?
9: je kunt hooguit de scholen mailen.
B:
De vraag die mij het meeste heeft opgeleverd is vraag 1, dit omdat deze vraag de intentie van de site bloodlegt.
C:
De vraag die mij het minste heeft opgeleverd is vraag 3, het maakt mij niet uit wie de site beheerd zolang de info correct is.
D:
Vraag 7 is voor leerlingen het belangrijkst omdat ze zelf een bronvermelding moeten maken.
E:
Via een rubric een keer een opdracht maken waarbij de ze site moeten beoordelen op betrouwbaarheid. In deze rubric staan criteria op verschillende niveaus.
Het is ook altijd mogelijk om met de leerlingen te gaan oefenen door ze verschillende sites te laten bezoeken en dan met elkaar te laten discuccieren of deze site betrouwbaar is. Dit laat je ze doen in groepjes en daarna behandel je klasikaal hun antwoorden als groep en laat je andere mensen uit de klas vragen stellen en/of hun mening geven (over de site die je dan behandeld).
Van andere studenten:
Een plan opstellen met punten die ze kunnen aankruisen om te bepalen of een site bruikbaar is of niet. Dit kan in de vorm van een tabel of een checklist.
Zelf herhalen en dus het goede voorbeeld geven.
Op bronnen beoordelen in werkstukken, bijv. bij een wikipedia een streep erdoor heen, punten aftrek als ze verkeerde bronnen gebruiken.
Bronvermelding verantwoorden.
en manier om te bevorderen dat de leerlingen zelf deze vragen gaan stellen bij het zoeken van informatie, is om het gewoon een tijd lang voor te doen. Verder moeten de leerlingen het zelf ook een paar keer gedaan hebben. Dan kun je als docent een soort checklist maken. Op www.webdetective.nl is al een lijst beschikbaar gemaakt.
Leerlingen zelf criteria op laten stellen. (dit wel begeleiden)
Veel herhalen.
Zelf herhalen en dus het goede voorbeeld geven.
Bronnen nagaan. (bronvermelding)
Leerlingen hun eigen bronvermelding laten verantwoorden.
Voorbeeld geven.
www.webdetective.nl